De regels in woorden
- 1
Voorrang bij het oprijden
Wie al op de rotonde rijdt, heeft voorrang, op welke strook ook. Wacht bij de stippellijn tot er ruimte is. Je rijdt tegen de klok in.
- 2
Eerste afslag: de rechterstrook
Neem je de eerste afslag, rijd dan op via de rechterstrook, blijf op de buitenstrook en geef vóór het afslaan richting aan naar rechts.
- 3
Latere afslagen: de binnenstrook
Voor de tweede of een latere afslag mag je pas naar de rechterstrook nadat je de afslag direct vóór de jouwe bent gepasseerd. Schuif geleidelijk op, met richtingaanwijzer, en rij eraf vanaf de rechterstrook.
- 4
Opschuiven: eerst kijken
Van strook wisselen is jouw manoeuvre, dus de auto op de buitenstrook gaat voor. Richtingaanwijzer, spiegel, over je schouder kijken; is de buitenstrook niet vrij, rem dan af en wacht. Blijft hij bezet, rij dan liever nog een rondje dan dat je afsnijdt.
Vrachtwagens, bussen en fietsen
Zware voertuigen, fietsen en door dieren getrokken voertuigen mogen op de rechterstrook blijven, welke afslag ze ook nemen, maar moeten bestuurders die volgens de regel afslaan eruit laten. Reken op een vrachtwagen of fiets aan de buitenkant en geef ze ruimte.
Wat het kost
De verkeerde strook is een overtreding van artikel 14.º-A van de Código da Estrada en kost 60 tot 300 €. Geef richting aan vóór elke strookwissel en vóór je afslaat: zo weten de anderen waar je heen gaat.
Bron: Código da Estrada, artikel 14.º-A (rotondes), zoals gewijzigd bij wet 72/2013. Een samenvatting voor bezoekers, geen juridisch advies.